Document Body Page Navigation Panel

Pages 1--4 from oprichtingsdecreet


Page 1 2
V L A A M S P A R L E M E N T
VOORSTEL VAN DECREET
Ð van de heren Dirk Holemans, Gilbert Van Baelen,
Robert Voorhamme, Chris Vandenbroeke en Jos Stassen Ð

houdende de oprichting van een Vlaams Instituut voor
Wetenschappelijk en Technologisch Aspectenonderzoek

TEKST AANGENOMEN DOOR DE PLENAIRE VERGADERING

5 juli 2000
Zitting 1999-2000

Stuk 109 (1999-2000) Ð Nr. 6

Zie :
109 (1999-2000)
Ð Nr. 1 : Voorstel van decreet
Ð Nr. 2 : Amendementen
Ð Nr. 3 : Verslag
Ð Nrs. 4 en 5 : Amendementen

767 1.
1 Page 2 3
HOOFDSTUK I
Algemene bepaling en oprichting

Artikel 1
Dit decreet regelt een gemeenschaps-en gewest-aangelegenheid.

Artikel 2
In dit decreet wordt verstaan onder wetenschappe-lijk en technologisch aspectenonderzoek (WTA) :
het geheel van activiteiten en alle daarbij gebruikte methoden om zo vroeg mogelijk de verschillende
aspecten en gevolgen van een wetenschappelijke en technologische ontwikkeling, liefst in hun on-derlinge
samenhang, te bestuderen in het licht van de maatschappelijke inpasbaarheid ervan.

Artikel 3
Er bestaat bij het Vlaams Parlement een Vlaams Instituut voor Wetenschappelijk en Technologisch
Aspectenonderzoek, hierna het Instituut te noe-men. Het Instituut bestaat uit een Raad van Be-stuur
en een Wetenschappelijk Secretariaat.

HOOFDSTUK II
Opdrachten

Artikel 4
De Raad van Bestuur heeft volgende algemene op-drachten :

1° korte voorbereidende evaluaties laten uitvoeren door het Wetenschappelijk Secretariaat ;
2° langere, meer omvattende evaluaties en/ of aan-vragen tot advies uitbesteden aan nationale of
internationale experts. Over elke uitbesteding of aanvraag tot advies wordt beslist op basis van
een aanbesteding met uitsluiting van belangen-vermenging ;

3° aan de hand van deze evaluaties, op gepaste wijze en schaal, een maatschappelijk debat or-ganiseren
;
4° aanbevelingen ten behoeve van het Vlaams Par-lement formuleren op basis van bovengenoem-de
evaluaties en het eventueel hierbij aanslui-tende maatschappelijke debat ;

5° contacten onderhouden met regionale, nationa-le en internationale organisaties, betrokken bij
wetenschappelijke en technologische keuzes ;
6° jaarlijks een analyse van de behoeften aan on-derzoek en ontwikkeling opstellen.

Artikel 5
§ 1. Binnen zijn algemene opdrachten kan het In-stituut, op eigen initiatief of in opdracht van het
Vlaams Parlement, specifieke opdrachten vervul-len.

§ 2. De specifieke opdrachten vanwege het Vlaams Parlement worden geformuleerd op de door het
Reglement van het Vlaams Parlement bepaalde wijze.

Voor de specifieke opdrachten op eigen initiatief stelt het Wetenschappelijk Secretariaat een jaar-lijks
werkplan op dat ter goedkeuring wordt voor-gelegd aan de Raad van Bestuur.

HOOFDSTUK III
Samenstelling

Artikel 6
De Raad van Bestuur bestaat uit 16 leden, de helft Vlaamse volksvertegenwoordigers en de andere
helft personaliteiten uit de Vlaamse wetenschappe-lijke en technologische wereld.

Artikel 7
Het Vlaams Parlement wijst de Vlaamse volksver-tegenwoordigers aan die deel uitmaken van de
Raad van Bestuur, derwijze dat elke erkende poli-tieke fractie is vertegenwoordigd.

Stuk 109 (1999-2000) Ð Nr. 6 2 2.
2 Page 3 4
Het mandaat van de aangeduide Vlaamse volks-vertegenwoordigers verstrijkt bij de installatie van
het Parlement na vernieuwing.

Artikel 8
§ 1. Het Vlaams Parlement benoemt de personali-teiten uit de wetenschappelijke en technologische
wereld op basis van een dubbele lijst.

De lijst wordt zodanig opgesteld dat de Vlaamse Raad voor Wetenschapsbeleid, de Sociaal-Econo-mische
Raad van Vlaanderen, de Milieu-en Na-tuurraad voor Vlaanderen en de Vlaamse Gezond-heidsraad
elk een kwart van de leden voordragen.

§ 2. De groep van personaliteiten uit de weten-schappelijke en technologische wereld wordt multi-disciplinair
samengesteld. Hun mandaat loopt voor een periode van vijf jaar en is éénmaal hernieuw-baar.

HOOFDSTUK IV
Organisatie

Artikel 9
De Raad van Bestuur benoemt een voorzitter onder de leden, vermeld in artikel 7, en twee on-dervoorzitters,
de ene onder de leden, vermeld in artikel 7, de andere onder de leden, vermeld in arti-kel
8.

Artikel 10
De mandaten van de leden, vermeld in artikel 7, zijn onbezoldigd. Er wordt voorzien in een onkos-tenvergoeding
voor de leden, vermeld in artikel 8.

HOOFDSTUK V
De directeur en het Wetenschappelijk Secretariaat

Artikel 11
§ 1. De Raad van Bestuur wordt bijgestaan door het Wetenschappelijk Secretariaat, dat multidisci-plinair
is samengesteld en onder leiding staat van een directeur.

De directeur is belast met het dagelijks beheer en regelt de samenwerking tussen de Raad van Be-stuur
en het Wetenschappelijk Secretariaat, voor-zover dat niet in het huishoudelijk reglement be-paald
is.

§ 2. De directeur wordt na een openbare oproep tot kandidaatstelling benoemd door het Vlaams
Parlement voor een periode van 5 jaar. Het man-daat kan éénmaal voor eenzelfde periode verlengd
worden.

§ 3. Om tot directeur te kunnen worden benoemd, moet de kandidaat aan de volgende voorwaarden
voldoen :

1° van onberispelijk gedrag zijn en de burgerlijke en politieke rechten genieten ;

2° houder zijn van een diploma dat toegang ver-leent tot een ambt van niveau A bij de diensten
van het Vlaams Parlement ;

3° ten minste vijf jaar nuttige beroepservaring heb-ben ;

4° slagen voor de vergelijkende selectieproeven die door of in opdracht van het Vlaams Parle-ment
worden georganiseerd.

Artikel 12
De personeelsleden van het Wetenschappelijk Se-cretariaat vervullen hun opdracht onder leiding
van de directeur. De personeelsformatie van het Wetenschappelijk Secretariaat wordt door het
Vlaams Parlement vastgesteld op voorstel van de Raad van Bestuur.

De Raad van Bestuur bepaalt de aanwervingsvoor-waarden van het personeel van het Wetenschappe-lijk
Secretariaat, legt de onverenigbaarheden vast en werft het personeel contractueel aan.

3 Stuk 109 (1999-2000) Ð Nr. 6 3.
3 Page 4
Artikel 13
Om zijn opdrachten uit te oefenen heeft het Insti-tuut het recht om officiële documenten en rappor-ten
op te vragen met betrekking tot zijn opdrach-ten.

Het Instituut kan een beroep doen op ad-hoccom-missies van experts.

Artikel 14
De directeur brengt ten minste éénmaal per jaar vóór 30 juni schriftelijk verslag uit bij het Vlaams
Parlement over de werkzaamheden van het Insti-tuut. Dat verslag bevat de aanbevelingen die het
Instituut nuttig acht.
Het verslag van het Instituut wordt door het Vlaams Parlement openbaar gemaakt.

Artikel 15
De directeur kan al dan niet op eigen verzoek te allen tijde door het Vlaams Parlement worden ge-hoord.

HOOFDSTUK VI
Diverse bepalingen

Artikel 16
Het Vlaams Parlement stelt jaarlijks op voorstel van het Instituut de kredieten vast die nodig zijn
voor de werking van de Raad van Bestuur en het Wetenschappelijk Secretariaat.

Artikel 17
De Raad van Bestuur stelt een huishoudelijk regle-ment op voor zijn werking en voor de werking van
het Wetenschappelijk Secretariaat en voor de sa-menwerking tussen beiden.

Dat reglement wordt aan het Vlaams Parlement ter goedkeuring voorgelegd. Het goedgekeurde regle-

ment wordt bekendgemaakt in het Belgisch Staats-blad.
Artikel 18
Vijf jaar na de eerste volledige samenstelling van de Raad van Bestuur, wordt de werking ervan door
het Vlaams Parlement geëvalueerd.

Artikel 19
Dit decreet treedt in werking drie maanden na de bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad.

Stuk 109 (1999-2000) Ð Nr. 6 4 4.

Page Navigation Panel

1 2 3 4